braken

Wanneer uw kat een keer overgeeft hoeft u zich niet direct zorgen te maken maar het is wel verstandig dat u uw kat in de gaten houdt. Braken is op zichzelf geen ziekte maar kan wel een symptoom van een ziekte of aandoening zijn. Het is best mogelijk dat uw kat last heeft van haarballen en door het eten van gras het braken zelf heeft opgewekt, meestal is er dan gras en/of een haarbal in het braaksel zichtbaar maar als uw kat herhaaldelijk blijft overgeven kan er ook iets anders aan de hand zijn.

Mogelijke oorzaken kunnen zijn:

  • Plotselinge verandering van het dieet
  • Bedorven voedsel
  • Een darmkwaal, zoals aantasting door wormen, of een ontsteking van de dikke darm die diarree of verstopping kan veroorzaken
  • Darmobstructie, een vreemd voorwerp in maag of darmen
  • Overgevoeligheid voor een bepaald soort voedsel
  • Kanker
  • Hormonale aandoeningen zoals diabetes en hyperthryroïdie(schildklierkanker)
  • Een virusinfectie
  • Vergiftiging
  • Een bacteriële infectie
  • Aandoeningen aan andere organen, zoals nierfalen en leverziekte

De meest voorkomende oorzaken zijn echter een virus of iets 'verkeerds' gegeten waardoor het maagslijmvlies geïrriteerd en/of ontstoken is. Overgeven kort na, of binnen enkele uren na het eten duidt vaak op een ontsteking van het maagslijmvlies, aanhoudend overgeven van veel vocht zonder dat de kat iets heeft gegeten is kenmerkend voor een darmobstructie.

Actief of passief braken
Bij braken moet onderscheid gemaakt worden in actief braken en passief braken (=regurgiteren).
Bij actief braken zie je vaak inleidende symptomen als onrust, speekselen, kwijlen, zich afzonderen en slikken. Het eigenlijke braken geschiedt met duidelijke buikpers en vaak met veel misbaar. Daarentegen is regurgiteren een veel passiever proces wat het dier plots overkomt zonder inleidende verschijnselen en zonder duidelijke buikpers. Bij regurgiteren moet de oorzaak vaak in de slokdarm gezocht worden (en is Rontgenonderzoek vaak nuttig) terwijl braken veroozaakt kan worden door afwijkingen van de mondholte, slokdarm, maag, dunne-en dikke darm, lever, nieren, bijnieren, pancreas, baarmoeder, prostaat, buikvlies, longen en problemen in de hersenen.
Bij chronisch braken zal vaak begonnen worden met uitgebreid bloedonderzoek en later eventueel Rontgenonderzoek, echografie en endoscopie.

Wat te doen bij overgeven
Als uw kat een keer onverwacht overgeeft geeft u hem minimaal 4 uur niets te eten of te drinken, wanneer hij binnen die tijd niet weer heeft overgegeven geeft u hem gewoon te eten en houdt hem 24 uur binnen om te zien of hij geen diarree heeft. Als hij binnen 4 uur weer overgeeft, geeft u de kat 24 uur niets te eten maar geef wel met tussenpozen van ruim een half uur telkens wat water.

Wanneer uw kat in 24 uur niet meer heeft overgegeven mag de kat weer gewoon drinken (niet te veel ineens!) en kunt u verdeeld over de dag kleine beetjes lichtverteerbaar voedsel geven, zoals gekookte kip, gekookte witte vis en/of gekookte (pap)rijst of speciaal lichtverteerbaar dieetvoer. Laat de kat dan liever géén gras eten want dat houdt de vicieuze circel van misselijkheid en overgeven in stand. Na twee dagen kunt u de kat geleidelijk aan steeds meer gewoon voedsel gaan geven.

Waarschuw onmiddellijk een dierenarts! als:

  • Uw kat continu overgeeft, zelfs als hij niets gegeten of gedronken heeft.
  • Het braaksel donker van kleur is of veel bloed bevat.
  • De kat na iedere maaltijd het eten weer uitbraakt en ook geen water binnen houdt.
  • Het braken gepaard gaat met andere symptomen zoals lusteloosheid, sloomheid, algehele zwakte, zwalken/omvallen, desoriëntatie, spiertrekkingen, krampen, trillen, kwijlen of toevallen.
  • Het braken al meer dan 3 dagen aanhoudt en/ of gepaard gaat met diarree.
  • Uw kat het bewustzijn verliest.
  • Wanneer u een vergiftiging vermoedt

Vraag uw dierenarts telefonisch om advies als:

  • Uw kat al langere tijd met enige regelmaat overgeeft zonder duidelijke oorzaak.
  • Wanneer u het gewoon niet vertrouwt.
  • Uw kat symptomen heeft die niet hierboven staan beschreven.