Zelfs in beschermde gebieden zijn tijgers vaak een makkelijke prooi voor stropers. Dat blijkt uit een recente evaluatie van 63 wettelijk beschermde gebieden in 7 landen waar tijgers voorkomen. De evaluatie toont aan dat slechts 22 gebieden (35 procent) voldoet aan de minimale eisen die het Wereld Natuur Fonds (WNF) hanteert. Het onderzoek toont aan dat de gebieden die zijn opgezet om tijgers en andere bedreigde dieren te beschermen niet de toevluchtsoorden blijken te zijn zoals oorspronkelijk bedoeld.

'Stroperij is momenteel de belangrijkste bedreiging voor het voortbestaan van tijgers. Beschermde gebieden vormen de eerste verdedigingslinie tegen stropers,' zegt WNF-directeur Johan van de Gronden. 'Als deze voorlopige evaluatie de werkelijke situatie in het veld weergeeft, dan functioneren beschermde gebieden niet als veilige haven voor tijgers.'

tijgers boekwnf wildazie 14339Tijgertop
Naar schatting komen momenteel nog 3200 tijgers voor in het wild. Tijdens een internationale bijeenkomst in November 2010 -de zogenoemde Tijgertop die plaatsvond onder voorzitterschap van de Russische regering en de Wereldbank- spraken regeringsleiders van de 13 landen waar nog tijgers voorkomen af dat ze het aantal tijgers in 2022 willen verdubbelen tot 6000 dieren. Vanaf morgen tot en met 17 mei 2012 komen deze landen weer bij elkaar om de voortgang van de afspraken te bepalen en de volgende stappen te plannen. Van de Gronden: “Uit het onderzoek blijkt dat er rap maatregelen zijn om de situatie in de beschermde gebieden te verbeteren. Als dat niet gebeurt is er weinig hoop dat het aantal tijgers in 2022 is verdubbeld."

New Delhi
Het stropen van tijgers, om te voldoen aan de vraag naar lichaamsdelen en producten, is momenteel de hoofdoorzaak die de reeds geboekte resultaten ongedaan maakt. De bijeenkomst in New Delhi is een goede kans om met spoed de aanpak van stroperij te intensiveren en de bescherming van tijgergebieden te verbeteren.

In het onderzoek werd elk beschermd gebied beoordeeld op 3 kritische factoren: het aantal veldmedewerkers, de aanwezigheid van gecomputeriseerde monitoringssystemen en of het park ook daadwerkelijk volgens de wet werd beschermd. Uit de resultaten komt naar voren dat in 65 procent van de beschermde gebieden onvoldoende parkwachters aanwezig zijn om het park te beschermen en stroperij uit te bannen. Zo zijn in het Maleisische Royal Belum State Park bijvoorbeeld 17 parkwachters verantwoordelijk voor de bescherming van een gebied dat bijna net zo groot is als de provincie Utrecht.

Het onderzoek toonde ook dat slechts 29 procent van de gebieden beschikt over digitale monitoringsystemen. In het merendeel van de parken wordt nog handmatig verslag gedaan van de bevindingen uit het veld.

Afspraken
WNF vindt dat tijdens de bijeenkomst in New Delhi de volgende afspraken gemaakt moeten worden
• het identificeren en aanwijzen van de belangrijkste gebieden die extra bescherming tegen stroperij van tijgers nodig hebben
• deze gebieden moeten voldoende getrainde parkwachters in het veld aanstellen en zij moeten de beschikking krijgen over betere monitoringssystemen
• er moet begeleiding en training komen van politieagenten en juridisch personeel zodat zij stropers beter kunnen opsporen en strenger kunnen straffen
• de lokale gemeenschappen moeten betrokken worden bij anti-stroperij maatregelen omdat zij -bij gebrek aan andere inkomstenbronnen- door grote misdaadsyndicaten worden verleid om te gaan stropen. Uiteindelijk krijgen ze hiervoor een minimale vergoeding terwijl zij het risico lopen om te worden opgepakt en terwijl de georganiseerde misdaad verdient enorme bedragen aan de stroperij.


Bron: WNF